Een beukenhaag planten is een prima klus om zelf aan te pakken. Met een spade, meetlint, metseldraad, een hark en een gieter of tuinslang sta je al snel klaar om te beginnen. Wie een beukenhaag bekijkt, doet er goed aan meteen het juiste plantmoment mee te nemen in de planning. De bodem, plantafstand en manier van graven bepalen namelijk voor een groot deel hoe snel de haag aanslaat.
Wanneer kun je het beste aan de klus beginnen?
Beuken met kale wortels worden meestal tussen november en maart geplant. Kies binnen die periode een vorstvrije dag. Graven in harde, bevroren grond werkt beroerd en is ook voor de wortels geen goed idee. Controleer voor je begint ook even de bodem. Na dagenlange regen kan zware kleigrond zo nat zijn dat je tijdens het graven vooral een moddergeul maakt. Wacht dan liever op een drogere dag. De grond moet redelijk los uit elkaar vallen wanneer je hem met de spade omkeert.
Zijn de planten al geleverd terwijl de grond nog te hard of te nat is om te planten? Zet de wortels dan tijdelijk in een emmer water of dek ze losjes af met vochtige aarde of folie, zodat ze niet uitdrogen tot je wel verder kunt. Ook op ons forum werd al besproken hoe je een beukenhaag het beste kan gaan planten.
Hoe zet je de lijn voor de haag uit?
Een rechte haag begint voordat de eerste plant de grond in gaat. Sla aan beide uiteinden van het traject een paaltje in de grond en span daar een metseldraad of ander stevig touw tussen. Meet vervolgens de totale lengte op. Zo kun je vooraf bepalen hoeveel planten je nodig hebt en voorkom je dat de laatste meter ineens veel ruimer wordt geplant dan de eerste. Kijk ook naar obstakels onder de grond. Oude boomwortels, betonranden en funderingen kunnen het graven behoorlijk vertragen. Kom je die tegen, dan is dit het moment om de lijn eventueel enkele centimeters te verplaatsen.
Graaf je plantgaten of één lange sleuf?
Voor een complete haag werkt één doorlopende plantsleuf meestal prettiger dan tientallen losse gaten. Je kunt de planten makkelijker op één lijn zetten en hebt meer ruimte om de wortels netjes te verdelen. Graaf de sleuf breed genoeg om de wortels zonder proppen of dubbelvouwen kwijt te kunnen. Leg de uitgegraven aarde direct langs de sleuf. Grote stenen, stukken puin en oude wortels haal je eruit.
Hoe bepaal je de juiste plantafstand?
Hier komt het meetlint weer van pas. Bij kleinere beuken van 60 tot 100 centimeter reken je meestal op 2 tot 3 planten per strekkende meter. Bij grotere kluitplanten van 150 centimeter of meer is 1 tot 2 planten per meter gebruikelijker. Hoeveel precies handig is, hangt verder af van het formaat waarin je de planten hebt gekocht. Verdeel de planten eerst los langs de sleuf voordat je begint met dichtgooien. Je ziet dan meteen of de afstand overal ongeveer gelijk is.
Zet iedere plant op dezelfde diepte als waarop hij eerder heeft gestaan. Vaak is dat nog aan de verkleuring rond de wortelhals te zien. Te diep planten helpt niet en kan juist voor problemen zorgen.
Hoe vul je de sleuf weer netjes?
Houd de plant recht terwijl je de losse aarde rondom de wortels terugbrengt. Schud de plant tussendoor voorzichtig heen en weer. De aarde zakt daardoor beter tussen de wortels. Druk de grond daarna met je schoen licht aan. Stamp hem niet keihard vast. De wortels hebben naast vocht ook lucht nodig. Geef vervolgens ruim water. Daarmee geef je niet alleen de planten vocht, maar laat je de aarde ook goed rond de wortels aansluiten. Ontstaan er kuiltjes, dan kun je die daarna met wat extra grond aanvullen.
Houd de grond ook de eerste weken na het planten goed vochtig, vooral bij droog voorjaarsweer. Jonge wortels hebben nog geen uitgebreid netwerk om zelf voldoende water op te zoeken, dus geef in die periode liever iets vaker een beetje water dan één keer heel veel.
Wanneer pak je de snoeischaar erbij?
Na het planten is de klus nog niet helemaal klaar. Een jonge beukenhaag mag al vrij vroeg licht worden gesnoeid. Daarmee stimuleer je vertakking en groeit de haag uiteindelijk dichter. Gebruik een scherpe heggenschaar en werk rustig langs het gespannen touw als je een strakke vorm wilt. Een eerste grotere snoeibeurt vindt vaak rond juni plaats. Later in de zomer kan de haag nogmaals worden bijgewerkt.