Veilig werken met elektriciteit / begrippenlijst elektra

Kees

Vaste Beantwoorder
  • #1
Aanwijzingen voor veilig werken met elektriciteit.
Bij deze aanwijzingen is dankbaar gebruik gemaakt van een aantal suggesties van Gerrit, The headhunter en Toon.

NB. De hier genoemde werkwijzen en voorschriften zijn gericht op de Nederlandse situatie. In andere landen (bijv. België) kunnen bepaalde zaken anders zijn.
Indien eventuele vragen betrekking hebben op een situatie buiten Nederland, vermeld dan altijd om welk land het gaat.
  1. Werk altijd spanningsloos.
    Test altijd of de spanning er werkelijk af is.
    Gebruik hiervoor geen spanningszoeker (in schroevendraaiervorm), maar een 2-polige spanningstester, zoals hieronder enige types afgebeeld. Deze zijn ook bij de bouwmarkt te verkrijgen. Het zijn 2 meestal handvaten met een meetpen en een snoertje er tussen. Op een van de handvaten zitten meestal leds die aangeven hoeveel spanning er staat. Doe voor de controle een controle of de tester goed werkt.



    Gebruik voor het uitschakelen van de groepen de groepenautomaat of groepschakelaar. Het alleen eruit draaien van een zekering - "stop" (voor zover nog van toepassing) volstaat niet. Het is voor het werken aan de installatie veiliger, wanneer er tweepolig is afgeschakeld.
  2. Werk niet in de groepenkast (meterkast)
    Laat het werken aan en in een groepenkast over aan een erkend installateur, doe dat niet zelf. Wel kun je in overleg met de installateur vaak zelf voorbereidingen doen voor het plaatsen of wijzigen van een groepenkast, zoals aanleggen van de benodigde buizen en het trekken van bedrading..
  3. Betrouwbare verbindingen.
    Zorg voor betrouwbare (schroef/insteek) verbindingen en lassen.
    Slechte verbindingen zijn een belangrijke oorzaak voor brand.
    Gebruik géén kroonsteentjes in lasdozen, maar lasdoppen of-klemmen.
    Laat geen koper bloot op delen die buiten de lasdop/klem of aansluitschroef zitten. Let daar vooral ook op bij het aansluiten van stekkers of fittingen aan soepel snoer.

    Gebruik bij snoer met soepele kern altijd adereind hulzen om de adertjes bij elkaar te houden onder een schroef, en gebruik een adereind tang om deze erop vast te persen.
    Het vertinnen van de uiteinden is niet juist en kan brand veroorzaken evenals het ontbreken van de hulzen.
  4. Houd je aan de voorgeschreven kleuren.
    ██ Blauw ------ = Nul -------------- (oude kleur rood)
    ██ Bruin ------- = Fase ------------ (oude kleur groen)
    ██ Groen/geel = Aarde ----------- (oude kleur grijs)
    ██ Zwart ------ = Schakeldraad

    Afwijken van die kleuren brengt jezelf en anderen in gevaar, omdat de bedrading dan niet klopt.
  5. Eén groep door één buis.
    Bedrading van twee (of meer) verschillende groepen mag nooit door één buis gaan, en nooit in één inbouw- of lasdoos zitten. Enige uitzondering hierop is de hierna genoemde kookgroep.
  6. Maximum aantal draden door één buis.
    In een flexibele buis mogen minder draden getrokken worden dan in een schuifbuis (= gewone installatiebuis).
    Draaddoorsnede -- buis 16 mm -- buis 19 mm
    1,5 mm² ------------- 5 -- (4) ------- niet beschreven ------ Getallen tussen haakjes
    2,5 mm² ------------- 4 -- (3) ------- 5 -- (5) ------------- gelden voor flexibele buis.

    Voorbeelden
    Toegestaan in 16 mm schuifbuis ------- Toegestaan in 16 mm flexibele buis

    VD 3 x 2,5 mm² + 2 x 1,5 mm² -------- VD 3 x 2,5 mm² + 1 x 1,5 mm²
    VD 2 x 2,5 mm² + 3 x 1,5 mm² -------- VD 2 x 2,5 mm² + 2 x 1,5 mm²

  7. Eigen groep voor huishoudelijke apparaten.
    Huishoudelijke apparaten zoals wasmachines, wasdrogers, vaatwassers, ovens moeten vrijwel altijd op een eigen groep, met een eigen kabel/bedrading van zekering naar wandcontactdoos (=wcd).
    Elektrische kookplaten en veel ovens moeten veelal op een speciale dubbele of driefasige (kook)groep aangesloten worden.
    In geval van twijfel via het forum of bij de installateur informeren!
  8. Zorg voor voldoende kennis.
    Stel jezelf terdege op de hoogte van het hoe en waarom op het gebied van elektra-aanleg. Hiertoe kun je de sites van de grotere bouwmarkten raadplegen, daar staan veel informatie-brochures en stappenplannen over elektra-aanleg.
  9. Stel je vraag op het forum in de rubriek elektra
    Vanzelfsprekend vind je op klusidee en op dit forum een schat aan informatie over wat wel en niet mag, en hoe je het beste kunt handelen. Kun je iets niet vinden of heb je nadere vragen, vraag het in de rubriek elektra.
  10. Badkamer heeft heel speciale eisen
    Elektriciteit in een badkamer heeft heel speciale eisen. Zowel voor wat betreft plaats contactdozen/schakelaars, als het aardingssysteem. In elk geval moet (in het algemeen gesproken) elk metalen deel in een badkamer verbonden zijn met een centraal aardpunt, dat op zijn beurt verbonden moet zijn met aarding in de centraaldoos. Dus bij verbouwing aan een badkamer extra alert op de diverse voorschriften, waarover veel op het forum te vinden (en anders te vragen) is.
  11. Tóch in de groepenkast werken?
    Doe dat alleen indien je over voldoende kennis en ervaring op elektra-gebied hebt!
    Als je (tóch) in de groepenkast bezig gaat, ga dan op een rubber mat staan. Een oude maar nog steeds goede maatregel is waar mogelijk te werken met één hand in de zak. Zo voorkom je stroomdoorgang door het lichaam, en dan met name door het hart.
  12. Schakel de groep alleen in met de groepenkast dicht.
    Als je in de kast hebt gewerkt en je wilt weer inschakelen, zorg dan dat de kast dichtzit. Draai je de zekering vast (als je die nog hebt) zorg dan dat er een glaasje in de schroefkop zit zodat bij een sluiting er geen vonk naar buiten kan komen. Bij de grotere stromen (mespatronen) is dat een veel voorkomende oorzaak van zware verwondingen en helaas soms de dood.

    Dit is alleen nodig in de oudere installaties waar voor de kookgroep wel eens een krachtgroep wil zitten met alleen 3 zekeringen.
    Bij de 1-fase groepen zit er altijd (dat hoort tenminste zo) een groepsschakelaar. Zet deze uit. Zo plaats je de zekering stroomloos en kan er geen vonkvorming optreden.
 
  • Klusservice
    Klusidee
    Klusidee helpt je met het vinden van een klusoplossing! Kom je er zelf niet uit en heb je een vakman nodig schakel dan de klusservice van Klusidee in. Direct een vakman inschakelen
  • Kees

    Vaste Beantwoorder
    • #2
    Enkele afkortingen bij elektra-onderwerpen
    • wcd = wandcontactdoos (stopcontact)
      RA = Randaarde
      ALS = Aardlekschakelaar
      VD = Massief installatiedraad met (PVC-) isolatie
      YMVK = Kabel geschikt voor buitengebruik, maar niet in de grond
      YMVKas = Grondkabel met stalen (gevlochten) mantel
      SELV = Safety Extra Low Voltage (zie uitleg verder hieronder)
      CAP = Centraal AardPunt

      een Ongeaarde stroomketen waarbij de aanraakspanning nooit hoger kan worden dan maximaal toegestaan voor die ruimte(24v badkamer)
      welke word gevoed uit een scheidings trafo.

    Uitleg van enkele veel voorkomende begrippen op elektra-gebied
    • Fase
      De "stroomvoerende" draad, hierop staat (bij de meeste installaties*) 230 Volt ten opzichte van de nul én ten opzichte van aarde. De genormaliseerde kleur voor de fase is bruin, in (grond-)kabels komt als fase ook zwart voor. De dikte is na de zekeringkast bij huisinstallaties 2,5 mm².

      *) Er bestonden (bestaan nog in o.a. Curaçao) installaties, waar geen 230 Volt ten opzichte van aarde staat, maar 127 Volt.
    • Nul
      De retourdraad van de elektraverbinding. Hierop staat (bij de meeste installaties) een hele lage spanning ten opzichte van de aarde. De genormaliseerde kleur voor de nul is blauw. Ook hiervan is de dikte na de zekeringkast bij huisinstallaties 2,5 mm².
    • Schakeldraad
      De verbinding tussen een schakelaar en een verbruiksapparaat, meestal tussen schakelaar en lamp. En tussen twee schakelaars onderling, indien het om een wisselschakeling (populair, maar onjuist: hotelschakeling) gaat. De schakeldraad is zwart en meestal wat dunner dan de andere draden: 1,5 mm².
    • Aarde
      Aarde, ook vaak aangeduid als PE (protective Earth), zorgt voor veiligheid.
      Door te aarden wordt voorkomen dat metalen delen van lampen en apparatuur onder spanning kunnen komen te staan.

      Aarding bestaat normaal gesproken uit een (voldoende diep) geslagen aardelektrode, waarmee een centrale rail in de groepenkast verbonden is (koperdraad 10-25 mm² blank).

      Vandaar uit gaat de aarding via een hoofdaarde rail onderin de meterkast naar een aarddrail in de groepenkast. Alle aansluitingen in de woning zijn op de aardrail aangesloten.
      Sinds enige tijd is het verplicht (in nieuwe installaties) overal geaarde wandcontactdozen te hebben.

      Aarding door middel van het verbinden met de waterleiding of cv is gevaarlijk en daarom verboden. Wel dient gas en waterleiding op een centraal punt verbonden te zijn met de aardleiding. Dit gebeurt vanaf bovengenoemde hoofdaard rail met blanke draden 4-6 mm².

      De dikte van de aardleiding (de draden in elektrabuizen in de woning) is eveneens 2,5 mm² indien geïsoleerd. De kleur van de isolatie is groen/geel. Aarddraad komt ook als blank (vertind) koperdraad voor en is dan 4 of 6 mm² dik. Dan is het (vaak) gebruikt als "potentiaal vereffenings" leiding in badkamers.
    • Aardlekschakelaar (ALS)
      Een schakelelement in een groepenkast, dat ervoor zorgt dat er niet meer dan een bepaalde stroom kan lopen tussen de spanningvoerende draden en aarde. De maximum stroom is normaal 30 mA.

      De ALS werkt volgens een systeem van vergelijken van de stroom door de "fase" en de teruggaande stroom door de "nul". Deze moeten gelijk zijn. Is er een groter verschil dan 30 mA tussen die twee stromen dan schakelt de ALS de spanning af.

      In tegenstelling tot wat veel mensen denken hoeft de aardlekschakelaar voor zijn werking niet verbonden te zijn met de eigenlijke aarde!

      Omdat er meerdere groepen achter één ALS mogen zitten (maximaal 4 groepen per aardlekschakelaar) zal bij afschakelen ook de spanning van de andere groepen wegvallen.

      Een aardlekschakelaar is géén kortsluitbeveiliging, bij sluiting tussen "fase" en "nul" zal de aardlekschakelaar er (meestal) niet uit gaan.
      Wel bestaan er speciale gecombineerde aardlekschakelaars/groepenautomaten, die dus beide functies in één hebben.

      Er bestaan zowel enkelfasige als driefasige aardlekschakelaars. In een huisinstallatie komt de enkelfasige ALS het meest voor.
    • Groepenautomaat
      Een zekering ter bescherming van de elektra-leidingen, uitgevoerd als een "doosje" in de groepenkast, met een handeltje waarmee hij aan en uitgeschakeld kan worden.
      De groepenautomaat hoeft niet, zoals de ouderwetse "stop" elke keer vervangen te worden, wanneer hij er uit gaat door kortsluiting of overbelasting.

      Groepenautomaten bestaan in verschillende types, meest voorkomend in huisinstallaties is type B, enkele keer voorkomend voor apparatuur met hoge aanloopstroom is type C.

      Er bestaan zowel enkelfasige als driefasige groepenautomaten. Daarnaast bestaan er dubbel uitgevoerde (2 x enkelfasig, gekoppeld) groepenautomaten, ten behoeve van kookgroepen.
    • Driefasig
      In beginsel is het gehele elektranet driefasig uitgevoerd. Dit betekent dat er drie stroomdraden zijn, waar "beurtelings" spanning op staat, en dat in een tempo van 50 Hertz (periodes per seconde). Om moeilijke beschrijvingen te vermijden: de praktijk is dat er tussen de drie fasen onderling ca 400 Volt staat en tussen elke fase en nul 230 Volt.

      Een driefasige meter- en groepenkast heeft drie toevoerdraden voor elke fase, plus een nul (en aarde). In de groepenkast wordt voor elke groep een fase + nul gebruikt voor een normale aansluiting van verbruiksapparaten en verlichting. Voor kookgroepen wordt soms de echte driefase aansluiting gebruikt via een daarvoor geschikte groepen-automaat.

      De spanningen van een driefasen elektra-systeem:

    • Enkelfasig
      Bij een enkelfasige installatie bestaat de toevoer naar de meter- en groepenkast uit alleen één fase en een nul. Soms zijn er wel degelijk alle 3 fasen in de meterkast-aansluiting aanwezig, echter niet aangesloten.
    • Potentiaal vereffening
      Potentiaal vereffening wordt vooral (verplicht!) toegepast als belangrijkste bescherming in badkamers en dient ervoor om alle delen, die gelijktijdig aanraakbaar zijn op gelijke potentiaal (= spanning) te krijgen zodat er geen stroom kan lopen. Een stroom loopt er namelijk alleen als er een verschil in spanning is.

      De potentiaal vereffening word aan aarde gelegd, zodat het potentiaalverschil tussen de vreemdgeleidende delen en de aarde ook niet ontstaat.
    • Safety Extra Low Voltage
      Een ongeaarde stroomketen waarbij de aanraakspanning nooit hoger kan worden dan maximaal toegestaan voor die ruimte (24 V in badkamer) welke wordt gevoed uit een scheidingstrafo.
    Ook voor deze begrippenlijst ben ik dank verschuldigd aan The headhunter, voor zijn aanvullingen en kritische blik!
     

    Kees

    Vaste Beantwoorder
    • #3
    Van Chathanky kreeg ik het volgende voorbeeld van een badkamer-vereffening.
    Waarvoor mijn dank!



    Voor (o.a.) badkamerverlichting bestaan zgn IP klassen, betreffende veiligheid.
    Daarover is hier informatie te vinden.
     
    Status
    Niet open voor verdere reacties.

    Login

    Je wachtwoord vergeten?
    Nog niet geregistreerd? Registreer nu